Recensie: Uit de duisternis neergedaald

Als er één boek is dat zijn plek in de Bijbelcanon heeft moeten bevechten, dan is het wel het boek Job (samen met Hooglied overigens). De Job van de proloog en de epiloog van het naar hem genoemde boek laten vooral een geduldig lijdende gelovige zien. Job is zich niet bewust van de weddenschap die letterlijk boven zijn hoofd wordt uitgevochten, maar hij blijft arm en alleen halsstarrig op zijn God vertrouwen. Het overgrote deel van het boek Job laat echter een hele andere gelovige zien: een getergde woedende Job die God publiekelijk uitdaagt om zichzelf te verdedigen. Inzet van het godsproces: hoe kan een God die almachtig en algoed is, toch het lijden in de wereld toestaan.

Deze Job ligt verborgen in Gerard Wijkel, de protagonist van de nieuwste roman van Clemens van Brunschot, Uit de duisternis neergedaald. Ook Brunschots Job probeert een antwoord te geven op de moeder aller theologische vragen. Alleen vindt het Godsgericht niet plaats op de mesthoop van Job, maar tijdens een heuse reality show waarin Wijkel het moet opnemen met Eugénie Stauf, de bloedmooie eigenaar van een Duits commercieel televisiestation.

Gerard heeft er een zware kluif aan om het bestaan van God aan te tonen tegenover een vijandig studiopubliek, maar er is meer aan hand met deze ex-tbs’er. Hij heeft een geschiedenis van schizofrenie en godsdienstwaanzin, waardoor hij een buurvrouw levensgevaarlijk verwondde. Van Brunschot geeft op overtuigende wijze een beeld van Gerards ziekte. Voortdurend twijfelt Gerard aan zijn herinneringen en waarnemingen. En de lezer, die het moet hebben van wat Gerard doet en vertelt, weet dus ook nooit precies hoe de vork in de steel zit. Van Brunschot weet die spanning tot op de laatste pagina vol te houden, waarbij je als lezer beurtelings de kant van Gerard (hij is niet gek) en van de buitenwacht (hij is wel gek) kiest.

Naast Job speelt ook Mefisto uit Goethe’s Dr. Faustus een belangrijke rol. De duivelsfiguur van Goethe probeert de ziel van de alchemist Faust te verleiden voor de duistere zijde te kiezen. In Van Brunschots roman is het aan Eugénie Stauf om Gerards godsdienstwaanzin te triggeren. Gerard probeert wanhopig de God te vergeten, waarin hij zo geloofde, maar die hem ook in de Pompekliniek deed belanden. Om aan Staufs uitdaging te voldoen moet hij echter terugkeren tot het geloof der vaderen. In Gerards geval letterlijk: zijn vader was een ex-priester die uiteindelijk uit waanzin zelfmoord pleegde door voor een trein te springen.

Waar in het boek Job God zichzelf uiteindelijk laat zien in twee overdonderende theofanieën, is God in Uit de duisternis echt onzichtbaar. Gerard bidt zijn handen kapot om een deus ex machina, maar tevergeefs. God laat zich niet bewijzen, ook niet in de realiteit van een roman. En dan verbindt Van Brunschot op een magistrale wijze Gerards schizofrenie met de vraag naar het bestaan van God. Zonder de uitkomst van de roman weg te geven, betoogt Gerard dat hij – juist als geesteszieke – weet hoe bedrieglijk zintuiglijke indrukken zijn, en daarmee de empirische kennis van onze samenleving die daarop gebaseerd is. Gerard: ‘God is voor mij echter dan jullie allemaal’. En na het lezen van Uit de duisternis geloof je dat onmiddellijk.

Het boek moet de eerste twintig pagina’s een beetje op gang komen, maar daarna heb ik het niet meer weggelegd tot het bevredigende einde. Een aanrader voor deze koude dagen.

Frank G. Bosman is cultuurtheoloog en verbonden aan de Tilburg School of Theology. Zie zijn weblog Goedgezelschap.eu.

Advertisements

8 responses to “Recensie: Uit de duisternis neergedaald”

  1. De dichter says :

    Waarschijnlijk ging het verhaal over Abraham, omdat de schrijver van het bijbelboek Job niet bekend is.

  2. Neo says :

    Komt er nog een recensie van Hitman Absolution door Dhr. Bosman op GG? Een game rondom het thema; vergiffenis, waarin deugdelijke zaken als creativiteit, matigheid en geduld centraal staan.

  3. frankgbosman says :

    @Neo nee, geen recensie van Hitman, hou niet van dat genre m.u.v. Dishonored

  4. Wilfred says :

    @Frank:

    Zonder de uitkomst van de roman weg te geven, betoogt Gerard dat hij – juist als geesteszieke – weet hoe bedrieglijk zintuiglijke indrukken zijn, en daarmee de empirische kennis van onze samenleving die daarop gebaseerd is. Gerard: ‘God is voor mij echter dan jullie allemaal’.

    Ik neem aan dat jij zelf geen versmader bent van empirische kennis? Zeker, onze zintuigen kunnen ons bedriegen. Maar een schizofreen als godsbewijs? Misschien kun je die toevoegen aan je rijtje dat je laatst in een filmpje de revue liet passeren… 😉

  5. joost says :

    Wilfred
    Ach ja, een schizofreen denkt al snel dat hij niet alleen is. Wat dat betreft is hij bij God in goed gezelschap. Die is in zijn eentje immers ook een drie-éénheid?
    joost

  6. Wilfred says :

    @Joost: 🙂

  7. bramvandijk says :

    @Joost
    LOL 😀

  8. Clemens van Brunschot says :

    Even een noot van de auteur van het boek:
    Ik ben enorm blij met de recensie. Frank heeft het boek erg goed gelezen. Nog even ter verduidelijking (niet voor Frank):
    Er zijn in Nederland miljoenen mensen die denken dat schizofrenie iets te maken heeft met een ‘gespleten’ persoonlijkheid. Maar dat is een totaal andere aandoening (multiple personality disorder, dissociatieve identiteitsstoornis). Het is een hardnekkig misverstand en het komt natuurlijk door het ‘schizo’ (gescheiden of afgescheiden) in de onhandig gekozen naam ‘schizofrenie’. Het gaat niet om een scheiding in een persoonlijkheid maar een afgescheiden zijn van een deel van de zintuiglijke werkelijkheid.