‘Wie is je naaste?’ en win eeuwig leven!

De preek van deze zondag gaat over Jezus’ gelijkenis van de Barmhartige Samaritaan. Rob maakte er drie tekeningen bij met de vraag: ‘Wie is je naaste?’ Het lijkt een simpel verhaaltje, maar er valt genoeg over te zeggen.

Und Jesus fragte: ‘Wer ist unser Nachbar?’

Op een dag was er een godsdienstleraar die wilde onderzoeken of de ideeën van Jezus wel zuiver waren. “Meester, vroeg hij, wat moet ik doen om eeuwig leven te krijgen?”

Jezus vroeg: “Wat zegt de wet daarover?”
Hij antwoordde: “U moet van de Here uw God houden met heel uw hart, uw ziel, uw kracht en uw verstand en u moet net zoveel van uw medemens houden als uzelf.”
“Goed,” zei Jezus: “Doe dat en u zult eeuwig leven krijgen.”
De man voelde zich aangesproken. Om zich te rechtvaardigen vroeg hij: “Wie is eigenlijk mijn medemens?”
Als antwoord gaf Jezus hem dit voorbeeld:

Een man reisde van Jeruzalem naar Jericho. Onderweg werd hij door rovers overvallen. Ze rukten hem de kleren van het lijf, sloegen hem bont en blauw en lieten hem halfdood langs de weg liggen.
Toevallig kwam een priester langs, maar toen hij de man zag liggen ging hij aan de overkant van de weg lopen. Een tempeldienaar die voorbijkwam deed hetzelfde en liet de man gewoon liggen.
Gelukkig kwam er ook iemand die medelijden kreeg. Het was een Sameritaan, vijand van de joden. De Sameritaan knielde naast hem neer, verzorgde zijn wonden met olie en wijn en legde er verband om. Daarna tilde hij hem op een ezel en ging er zelf naast lopen. Ze kwamen bij een herberg waar hij hem verder verzorgde. De volgende morgen gaf hij de herbergier 2 zilveren munten en zei: “Zorg goed voor hem.”

“Wat denkt u, wie van de 3 was de medemens van het slachtoffer?” vroeg Jezus.
“De man die medelijden had,” was het antwoord.
“Precies,” zei Jezus, “volg zijn voorbeeld dan.”

Lucas 10:25-37

Niet bepaald een handig voorbeeld van Jezus om in een goed blaadje te komen bij de godsdiensleraars. Uitgerekend hun soort laat Jezus voorbij lopen in zijn voorbeeld. En die man voelde zich al een beetje in het nauw gedreven. Ter plekke wordt de godsdiensleraar op de proef gesteld om Jezus als zijn naaste te zien, en niet als tegenstander. Iemand als tegenstander zien kan onderdeel zijn van het probleem.

Het valt in deze gelijkenis ook op dat je behoorlijk ver moet gaan om eeuwig leven te krijgen: alles doen wat op dat moment in je vermogen ligt. En dat het antwoord op de vraag wie eeuwig leven krijgt in deze gelijkenis niet de godsdienstleraar is, maar de Samaritaan. Dat opent nieuwe perspectieven.

 
Wie is je naaste? (klik op de cartoons om ze te vergroten)

Advertenties

28 responses to “‘Wie is je naaste?’ en win eeuwig leven!”

  1. Ettje says :

    De vraag van Jezus luidt niet: wie is je naaste! Maar: voor wie kunwijk de naaste zijn. Op mezelf betrokken: voor wie kan ik de naaste zijn! of nog anders: kijk door de ogen van het slachtoffer…

  2. Ettje says :

    Eigenwijze automatische spellingscontrole: kunwijk moet zijn: kun jij…

  3. joost says :

    het is niet alleen de vraag voor wie wij de naaste kunnen zijn maar vooral hoe wij met dezen naasten om kunnen gaan.
    In principe is iedere mens op aarde je medemens en je naaste en zou je ze allemaal moeten liefhebben als je zelf.
    Dat kan op 2 manieren lastig zijn.
    !) er zijn er zoveel, je kunt onmogelijk aan iedereen toekomen. 😦
    2) je houdt niet van je zelf en als je dan je naaste liefhebt zoals je zelf dan schiet die naaste daar maar heel weinig mee op. (stel dat je last hebt van zelfvernietigingsdrang, ARME NAASTE ) 😡
    joost

  4. Jan says :

    In Lukas 10 vinden we een vraag van een zeker wetgeleerde en het antwoord van Jezus.

    De vraag van de wetgeleerde is: ‘Meester, wat doende zal ik het eeuwige leven beërven?’ (Luk.10:25).
    Het antwoord van Jezus is: ‘… doe dat, en gij zult leven’ (Luk.10:28).

    Uit het antwoord van Jezus spreekt voor zich dat het voor ons van LEVENS belang is om te weten en te DOEN wat ‘DAT’ inhoudt!

    ‘DAT’ houdt in: De Here uw God liefhebben … en uw Naaste als uzelf (Luk.10:27).

    Het liefhebben van de Here God en daaraan gelijk het liefhebben van de Naaste is het éne gebod (Mar.12:30-31) en de weg om het eeuwige leven te beërven.

    Zonder in Lukas 10 te lezen wat het antwoord van Jezus is op de vraag van de wetgeleerde wie die ‘Naaste’ (enkelvoud!) is, kennen wij als gelovigen het antwoord natuurlijk. Heel de Schrift spreekt over die éne Weg van behoud!

    ‘DAT’ houdt in: God heeft Zijn eniggeboren Zoon gegeven, opdat een ieder die in Hem gelooft eeuwig leven heeft. (Joh.3:16).

    ‘DAT’ houdt in: De WARE LEVENDE WEG is de Here Jezus Christus en door (geloof in) Hem komen wij tot de Vader (Joh.14:6).

    ‘DAT’ houdt in: God heeft de Here Jezus uit de doden opgewekt en door dat te belijden met de mond en te geloven met het hart worden wij zalig (Rom.10:9).

    Wanneer het liefhebben van ‘de Naaste’ de Weg is om het eeuwige leven te beërven is die ‘Naaste’ uitsluitend Christus! Wanneer we het antwoord van Jezus in Lukas 10 lezen op de vraag wie die ‘Naaste’ is, zien we inderdaad ook overduidelijk dat ‘de Barhartige Samaritaan’ een type van Christus is.

    De oorspronkelijke vraag van de wetgeleerde is: ‘Meester, wat doende zal ik het eeuwige leven beërven?’ Het eigen getuigenis van de wetgeleerde is: ‘De Here uw God liefhebben … en uw Naaste als uzelf’. Het antwoord van Jezus is: ‘…doe dat, en gij zult leven’ (Luk 10:27-28).

    Vervolgens vraagt de wetgeleerde aan Jezus wie die ‘Naaste’ is die hij lief moet hebben om het eeuwige leven te beërven. De wetgeleerde getuigt zelf, na het antwoord van Jezus, dat de Barmhartige Samaritaan’ die ‘Naaste’ is die hij lief moet hebben om het eeuwige leven te beërven. Het antwoord van Jezus is wederom ‘Ga heen, en doe gij desgelijks’ (Luk 10:36-37).

    ‘Ga heen, en doe gij desgelijks’ houdt dus in dat de wetgeleerde ‘dat’ moet doen namelijk: de Barmhartige Samaritaan = de Naaste = CHRISTUS lief hebben om het eeuwige leven te beërven

  5. De Belg! says :

    Is dat ook niet de gouden wet genoemd of iets dergelijks?
    Heb God lief en uw naaste, de twee geboden.
    Iemand zei tegen mij dat hij het nog simpeler maakte.
    Namelijk heb IEDEREEN lief.
    Dus is er nog maar 1 gebod 🙂
    Simpel toch dat Gristelijk geloof.

  6. Pittig says :

    Dus de Samaritaan / Marokkaan / moslim was de naaste…

  7. Pittig says :

    Dat ene gebod klinkt inderdaad simpel, maar het levert toch een hoop vragen op:

    1. Wie is iedereen? Ook Breivik liefhebben?
    2. Wat is liefhebben?
    3. Bestaat het christelijk geloof inderdaad dan slechts uit een gebod? Is de wet bepalend?
    4. Deze regel komt voor in de islam, het boeddhisme, het hindoeïsme, etc. Zijn die dan volgens jou ook zo goed en simpel?

  8. Pittig says :

    Vorige reactie was @ Belg

    En nog deze toevoeging aan de laatste vraag: wat is dan nog de bijdrage van het christelijk geloof?

    En

    5. Valt God onder “iedereen”? Of staat Hij/Zij/Het daar toch wat boven? Is God niet ook een macht, een kracht of een geest? Kun je hem wel tot een menselijke persoon beperken?
    6. (of toevoeging bij 1.) Geldt het dan ook voor de duivel en demonen?

  9. TommyLee says :

    Ik volg de redenatie van @Jan: Dit is een les voor de schriftgeleerde dat met de barmhartige samaritaan uit de parabel Jezus zichzelf bedoelt. De weldoener is dezelfde als die hij veracht. Goed getimed door Jezus, hij was immers kort daar voor door de schriftgeleefden voor sameritaan uitgemaakt!

  10. rob says :

    @Jan

    ‘Ga heen, en doe gij desgelijks’ houdt dus in dat de wetgeleerde ‘dat’ moet doen namelijk: de Barmhartige Samaritaan = de Naaste = CHRISTUS lief hebben om het eeuwige leven te beërven

    Dat lijkt me wel een smalle uitleg. De naaste is, zoals Joost stelt iedereen, denk ik.

  11. rob says :

    @Pittig

    Dus de Samaritaan / Marokkaan / moslim was de naaste…

    En de duitser en de dikke jongen, iedereen 🙂 van wie je het niet verwacht of niet wil verwachten.

  12. Sophie says :

    @ Pittig
    Vraag 1 kan me onwijs irriteren. Ik mag daaruit concluderen dat jij jezelf beter acht dan Breivik? Maar ook dat jij vind dat hij niet geliefd dient te worden? Ik vraag me dan af waarom, omdat hij slecht en zondig is? En vanaf welk moment is iemand slecht en zondig genoeg dat wij deze persoon niet lief hoeven te hebben? Kijk dan vraag ik me af of God Paulus lief had, dat was ook niet echt een jofele kerel.

    Mocht je deze vraag gesteld hebben om anderen uit te dagen dan feliciteer ik je, het is gelukt. Mocht je serieus menen dat bepaalde mensen te zondig (of slecht, wat je wilt) zijn om liefgehad te worden dan hoor ik graag een tekst!

  13. rob says :

    @Pittig
    1. Wie is iedereen? Ook Breivik liefhebben?
    2. Wat is liefhebben?
    3. Bestaat het christelijk geloof inderdaad dan slechts uit een gebod? Is de wet bepalend?
    4. Deze regel komt voor in de islam, het boeddhisme, het hindoeïsme, etc. Zijn die dan volgens jou ook zo goed en simpel?

    1- Breivik liefhebben als jezelf, dat klinkt toch weer anders als Breivik liefhebben. De slachtoffers v Breivik moet je ook liefhebben als jezelf, en de toekomstrige slachtoffers v Breivik ook.
    Dat betekent niet dat je Breivik zijn gang kan laten gaan, maar dat je hem achter slot en grendel moet zetten. Voor ieders bestwil.

    2-Wat is liefhebben: In het voorbeeld dat Jezus gebruikt gaat de Sameritaan ver, zo ver als hij kan gaan, alles wat in je vermogen ligt doen.

    3-iemand lierfhebben als jezelf, en God liefhebben is geen simpele wet. Die kun je ook niet uitvoeren als een simpel regeltje.

    4- Elke God stelt zo zijn eisen. Het hangt er dus vanaf wie je dient of het goed en simpel is.

  14. rob says :

    @Ettje

    De vraag van Jezus luidt niet: wie is je naaste! Maar: voor wie kunwijk de naaste zijn. Op mezelf betrokken: voor wie kan ik de naaste zijn! of nog anders: kijk door de ogen van het slachtoffer…

    Het wordt nog ingewikkelder als je naaste je vijand is, en dus niet overduidelijk gezien kan worden als slachtoffer.
    Dan is er nog veel meer te overbruggen dan alleen het ‘ niet egoïstisch zijn’ .

  15. rob says :

    Ik hoop overigens niet dat die bovenste tekening waarheid wordt 😦

  16. bramvandijk says :

    @Jan

    Wanneer het liefhebben van ‘de Naaste’ de Weg is om het eeuwige leven te beërven is die ‘Naaste’ uitsluitend Christus! Wanneer we het antwoord van Jezus in Lukas 10 lezen op de vraag wie die ‘Naaste’ is, zien we inderdaad ook overduidelijk dat ‘de Barhartige Samaritaan’ een type van Christus is.

    En zo hebben we inderdaad nog een heleboel andere bijbelboeken (Johannes, romeinen) nodig om hier weer chocola van te maken. Natuurlijk is de samaritaan geen stand-in voor Jezus zelf? Waaruit zou dat blijken? Was Jezus een samaritaan?

    Sowieso is in Lukas (en de andere synoptische evangeliën) de persoon van Jezus zelf helemaal geen middelpunt van Jezus’ boodschap. Om ie conclusie te trekken moet je inderdaad Johannes erbij slepen.

    Lukas beschrijft Jezus veel meer als iemand die het echt altijd opneemt voor de verschoppelingen en degenen die er niet bijhoren. Heeft Mattheüs het nog over “zalig zijn de armen van geest”, dan zegt Lukas gewoon “zalig zijn de armen”. Zeker binnen het beeld dat Lukas van Jezus neerzet is de samaritaan vooral te zien als… een samaritaan. Iemand die door de “echte joden” niet voor vol werd aangezien.

    ‘Ga heen, en doe gij desgelijks’ houdt dus in dat de wetgeleerde ‘dat’ moet doen namelijk: de Barmhartige Samaritaan = de Naaste = CHRISTUS lief hebben om het eeuwige leven te beërven

    Is dus precies wat Jezus niet wil zeggen met dit verhaal. Het is geen geestelijk verhaal over dat je Jezus moet liefhebben, het is juist heel aards. Doe goede werken, beteken iets voor je de mensen die je tegenkomt, maak het verschil.

  17. jan says :

    @ bramvandijk

    Je schrijft dat Jezus met dit verhaal wil zeggen dat we goede werken moeten doen en iets betekenen voor de mensen die we tegenkomen en het verschil moeten maken.

    Hoe leest gij 😉 ( Lukas 10:26).

    De wetgeleerde plaatst zichzelf in ieder geval terecht in de positie van iemand die dood gaat en waarbij er ‘iets’ moet gebeuren om het eeuwige leven te beërven. Jezus haakt daar op in door de wetgeleerde in een verhaal voor te stellen als een zeker iemand die in handen is gevallen van moordenaars (Johannes weer 😉 8:44) en dood gaat.

    Jezus illustreert in Lukas 10 op een prachtige manier dat we niets kunnen doen en niets kunnen betekenen en het verschil niet kunnen maken. Een priester en leviet kan offeren of wetten opstellen wat ze willen, maar ze kunnen helemaal NIETS betekenen om leven te geven aan een slachtoffer wat dood gaat. Dat is de les van het logische voorbij moeten gaan.

    Wie kan er wel Geest en Leven (olie en wijn) geven aan een ten dode opgeschreven mens? Degene die met innerlijke ontferming over ons is bewogen, onze wonden verbindt, ons opheft en verzorgt en voor ons betaalt en wederkomt.

    Juist de Naaste die veracht en verworpen is, is degene die barmhartigheid aan ons bewijst en Hem zouden we liefhebben! Dat is precies het antwoord wat Jezus geeft aan de wetgeleerde op de vraag wie de Naaste is die hij lief moet hebben om het eeuwige leven te beërven.

  18. bramvandijk says :

    @Jan
    Ik weet niet zo goed hoe ik dit nog verder uit kan leggen.

    Ik zie Jezus hier meer in de profetische traditie die wel vaker stelde dat god geen offers wil, maar dat god wil dat je voor de weduwen en wezen zorgt. Ook in dit verhaal zie je dat, religieuze plichten als offeren en zo zijn niks als je niet zorgt voor je naaste. Je moet je dus niet isoleren, opsluiten in je eigen religieuze gelijk, maar je moet naar buiten gaan, mensen helpen, zorgen voor een betere wereld.

    Deze interpretatie past mijns inziens veel beter bij het verhaal dat Lukas vertelt, en bovendien veel beter bij de historische Jezus. Johannes en Paulus hadden inderdaad een wat ander beeld van Jezus, maar dat hoeft niet de interpretatie van dit verhaal in Lukas te beïnvloeden.

  19. Asjemenou says :

    Lucas 10, maar dan anders:

  20. Pittig says :

    @ Sophie

    Vraag 1 kan me onwijs irriteren. Ik mag daaruit concluderen dat jij jezelf beter acht dan Breivik?

    Ik mag uit jouw antwoord concluderen dat jij jezelf beter acht dan mij?

  21. joost says :

    sophie
    ik denk dat iedereen zich “beter: mag achten dan een massamoordenaar die op totaal zinloze wijzen zoveel mensen hun toekomst heeft afgenomen en daar nog trots op lijkt te zijn ook.
    joost

  22. bramvandijk says :

    @Sophie / Pittig

    Vraag 1 kan me onwijs irriteren. Ik mag daaruit concluderen dat jij jezelf beter acht dan Breivik?

    Dat je jezelf niet beter mag achten dan een massamoordenaar heeft te maken met de theologie van de twee naturen. Niet de twee naturen van Jezus, maar de twee naturen die mensen ook schijnen te hebben.

    Van onze eigen / oude natuur haten wij god en zijn wij niet in staat tot enig goeds en geneigd tot alle kwaad. Komt natuurlijk door de zondeval die volgens Augustinus door de seks werd doorgegeven aan de volgende generatie. Als wij dan toch iets goeds mochten doen, dan is het god die door ons werkt, omdat hij ons ook een nieuwe natuur heeft gegeven. En die nieuwe natuur is natuurlijk zondeloos.

    Dus ja, als het voor god rechtvaardig is om iedereen, vanwege de slechte oude natuur, in dezelfde hel te straffen, dan moet iedereen ook wel even slecht zijn. Daarom mag je dus nooit zeggen dat je beter bent dan Breivik of Hitler of wie dan ook. Hooguit dat je meer genade van god hebt ontvangen.

  23. joost says :

    bramvandijk
    mag ik het gloeiend met je oneens zijn?
    Dat je jezelf niet overgeeft aan alle impulsen die in je opkomen is geen kwestie van meer of minder genade van god ontvangen.
    Ik denk niet dat god ook maar iemand in gedachten zal geven om iemand kwaad te doen. Eén van de geboden is immers dat je niet mag doden en ook dat je je naaste lief moet hebben gelijk je zelf.
    Dat je je eigen keuze om de beslissing te nemen aan je impuls toe ge geven wel of niet wil gebruiken is niet de fout of schuld van god.
    Dus wanneer je je impulsen om zoiets te doen onderdrukt omdat je weet dat het verkeerd is maakt je in zekere zin wel beter dan iemand die wel aan zijn impulsen toe geeft.
    Ik heb ook wel eens een conflict met iemand enm denk dan: “ik kan je wel schieten” maar aan die impuls geef ik toch ook geen gehoor.
    joost

  24. rob says :

    @Joost
    Dus wanneer je je impulsen om zoiets te doen onderdrukt omdat je weet dat het verkeerd is maakt je in zekere zin wel beter dan iemand die wel aan zijn impulsen toe geeft.
    Ik heb ook wel eens een conflict met iemand enm denk dan: “ik kan je wel schieten” maar aan die impuls geef ik toch ook geen gehoor.
    joost

    Je hebt dus een zelfde impuls, maar doordat jij in staat bent die te onderdrukken, ben je een beter mens ?

    Dat lijkt me eigenlijk een marginaal verschil.
    Een toename in de druk, of een verandering in je hormoonspiegel, en je bent dan net zo slecht.

    Dat zie je ook wel, als mensen onder grotere druk komen te staan, kunnen ze minder weerstand bieden aan slechte impulsen en dan komt dus de ware aard naar boven.

    Men valt dan ahw door de mand. 😦

    Als dat gebeurt is dan eigenlijk de gedachte: “dit ben ik eigenlijk niet, dat komt door de omstandigheden”.
    Maar dat vind ik flauwe kul.

    Je bent wie je bent in slechte omstandigheden, dat is ook gewoon een deel van jezelf.

    Onder grote druk leer je jezelf dus het beste kennen, denk ik.

  25. rob says :

    blockquote niet goed gegaan, eerste deel = quote v Joost

  26. joost says :

    rob
    heel dikwijls wanneer ik met iemand een conflict heb denk ik wel eens barst, of val dood, of krijg een staart. Dtussen at zijn impulsen die in woede en/of onmacht in je op komen. Je zou niet werkelijk wensen iemand te laten barsten of doodvallen enz.
    Je vermogen om je eigen impulsen te kunnen relativeren en te onderdrukken omdat de rest van je zelf weet dat het verkeerd is maakt je inderdaad en zonder enige twijfel, beter dan iemand die aan al zijn impulsen gehoor geeft omdat dat hem een fijn gevoel geeft. Het is het verschil tussen luisteren naar de stem van je geweten/god of gewoon maar klakkeloos handelen.
    joost

  27. Jan says :

    De Naaste is dus Christus. De naasten zij allen die in Christus zijn en God is de vader in alles waar Christus en de leer van Christus uit voortkomt. Dus door de Heer Jezus Christus en Zijn leer lief te hebben; zien we dus ook, dat wij ook een ander gaan liefhebben, want de vrucht van de Geest zorgt ervoor dat zij die ook liefhebben. Dus Christus is de Naaste en het gelovig overblijfsel de naasten. Dat zijn de Broeders en Zusters in Christus.

  28. joost says :

    Pittig, op 19 juni, 2012 om 1:22 am zei:

    @ Sophie: Ik mag uit jouw antwoord concluderen dat jij jezelf beter acht dan mij?

    Goed gezegd, Pittig! Je overtreft je zelf!
    joost